Al vier jaar lang volg ik op (bijna) iedere doordeweekse dag college. ‘Vroeger’ was dat met een man of honderd in een zaaltje, tegenwoordig in de master zitten we soms met z’n zevenen tegenover de professor in een kamer waar ook de pingpongtafel van de eerste verdieping staat. Tijdens zo’n college blijkt keer op keer weer: het gros van het onderwijzend personeel is verslaafd aan PowerPoint.
Nou is er niets mis mee om je presentatie te begeleiden met PowerPoint. Sterker nog, ik doe het zelf ook altijd (hoewel ik tegenwoordig natuurlijk wel met Keynote presenteer).Desondanks heeft het ook zeker negatieve effecten; als dagelijks presentatiekijker valt me bijvoorbeeld wel eens op dat ik veel vaker naar de slides blijf staren dat dat ik naar de presentator kijk en me realiseer wat deze zegt. Ook valt me op dat PowerPoint vaak de basis voor de structuur van een presentatie is, maar dat die structuur ondanks alle slides soms ver te zoeken is. Dat probleem wordt alleen maar erger doordat er docenten zijn die niet de vooraf bepaalde volgorde van hun slides aanhouden, maar er zo doorheen springen dat de slidenummers een goede basis zouden vormen voor de nummers van een loterijtrekking.
Slides zijn een visuele toevoeging aan je verhaal; ik ben zelf best visueel ingesteld, dus schemaatjes helpen vaak heel veel. Helaas zijn het juist die schemaatjes die moeilijk te maken zijn in PowerPoint. Menig docent komt niet verder dan bullets met tekst. En omdat continu doorklikken tijdens je presentatie om bullet-punten te laten verschijnen gewoon vervelend is, is de hele spanning uit je verhaal gehaald omdat iedereen al weet wat je gaat zeggen. Er vindt een soort inflatie plaats: als de slide het in kernachtige punten samenvat, waarom moet ik dan nog luisteren?
Soms denk ik wel eens dat het gebruik van PowerPoint bij een presentatie meer geboren is uit een soort onzekerheid is dan omdat het een echte toevoeging aan het verhaal is. Alsof slides je verhaal ook maar iets geloofwaardiger maken. Het lult natuurlijk ook wel lekker weg: laatste puntje op de slide gehad, door naar de volgende. Maar wát je zegt wordt minder een lopend verhaal. PowerPoint-slides zijn daarnaast geen vervanging voor het good-old schoolbord, waar meester zijn zelfbedachte schema niet alleen uitlegt, maar ook optekent terwijl je kijkt. Niemand maakt meer aantekeningen als de slides na afloop op internet komen en tegenwoordig wordt er zelfs geklaagd als docenten het uitdrukkelijk niet doen.
De volgende vraag is natuurlijk hoe het dan beter zou kunnen. Ten eerste denk ik dat PowerPoint zélf een stuk beter kan: leg de focus op het gebruik van slides als toevoeging aan je presentatie, niet als hulpmiddel voor structuur. Dat laatste is voor de presentator, niet voor de hele zaal. Het zou wel handig zijn als de presentator op zíjn scherm bijvoorbeeld wél door z’n lijstjes met bullets kan klikken (PowerPoint en Keynote kunnen zoiets overigens, maar niemand weet hoe dat werkt schijnbaar). En dan de inhoud: één ding per slide en liefst zo min mogelijk tekst. Alle tekst is ofwel een kernwoord (om aan te duiden waar het verhaal naartoe gaat) of onderdeel van een schema. Wie Steve Jobs de iPhone heeft zien aankondigen, weet dat dat heel overtuigend kan zijn. Minder focus op de slides, meer op jezelf.