Studie

De Poster-hattrick

Monday 7 June 2010

Als wetenschappers bij elkaar komen en elkaar willen bijpraten over het onderzoek dat ze aan het doen zijn, dan wordt dat vaak gedaan middels een ‘postersessie’. Ieder clubje maakt een poster, hangt deze op en vertelt er iets bij. In mijn studie wordt hetzelfde format soms gebruikt voor het presenteren van de resultaten van een project (en deels om ons klaar te stomen voor deze academische feestjes). Het leuke van een poster is dat je je idee op verschillende manieren kunt presenteren, en het is dan ook altijd weer leuk om te zien hoe anderen dat doen. Soms is het ook pijnlijk: zo zijn er soms posters met meer woorden per oppervlakte dan in een woordenboek, soms zijn de kleuren gewoon lelijk en soms staan er spelfouten in lettergrootte 100. Ai.

Vaak wordt bij zo’n postersessie één poster tot winnaar worden uitgeroepen. En dames en heren, vandaag is me dat voor de derde keer achtereen gelukt: een echte poster hattrick dus. Het leuke is dat we in alle drie de gevallen zeker niet de beste inhoud hadden; volgens mij heb ik steeds gewonnen op overzichtelijkheid en vormgeving. Maar oordeel zelf, hieronder een kleine wall of fame!

Gepost door Tommy | Geen reacties »

Tommy, 100 giorni da oggi

Saturday 22 May 2010

Tel honderd dagen op bij de datum van vandaag en het is… 1 september 2010. De dag waarop ik begin in Milaan! De aanmelding is intussen binnen en de kamer is gereserveerd. Een klein voorproefje van de campus hieronder!

Gepost door Tommy | Geen reacties »

Politici en cijfers

Thursday 20 May 2010

Twee weken geleden, toen ik bij mijn ouders was en dus weer eens de gelegenheid had een krant te lezen, viel mijn oog op onderstaand schemaatje, dat de NRC had geplaatst onder een grote kop “Innovatieplatform is mislukking”. Het Innovatieplatform, dames en heren, is een clubje dat wordt voorgezeten door Balkenende himself en dat als doel heeft Nederland op een hoger plan te krijgen wat innovatie betreft. Het toeval wil dat mijn mentor toevallig ook werkt voor het consultancy-bureau dat het onderzoek had uitgevoerd. De verantwoordelijke collega stond gisteren in de collegezaal om het verhaal erachter te vertellen.

Het had een verhaal kunnen worden over hoe het onderzoek was gedaan, maar het ging eigenlijk maar over één ding: de kracht van getallen. Onderstaand figuur kwam uit een presentatie met nog vijftig andere slides, waarin het schema werd genuanceerd. Dat kan politici niet zoveel schelen. Als de nummers een positief beeld geven van de prestaties van de politicus, dan wordt de methode waarmee deze cijfers tot stand zijn gekomen onder tafel geschoven. Zijn de cijfers niet in lijn met wat de politicus wil, dan verdwijnt zo’n rapport in een la.

Wie goed kan liegen met cijfers, komt dus een heel eind in Den Haag. Los van de vraag of je wel alles kunt meten is het statistisch gezien ook nog best lastig om aan te tonen dat een bepaalde verandering in bijvoorbeeld de economie écht het gevolg is van een beleidswijziging, of dat het gewoon toeval is. Een minister die nú maatregelen neemt om de economie vlot te trekken, kan over tien jaar zeggen dat het heeft gewerkt (immers, de economie kan niet echt veel slechter worden; gebeurt dat toch, dan worden het ‘buitengewone omstandigheden’ genoemd; een slimme politicus moet dus net als een beurshandelaar gokken op de beweging van de maatschappij).

Cijfers kunnen zich ook tegen je keren. Wat door het Innovatieplatform was bedoeld als een verhelderend overzicht werd door de NRC gebruikt om aan te tonen dat ze juist niets hebben kunnen doen aan de spaghetti van geldstromen. Het is allemaal presentatie, en dat is een boodschap die ik vaker predik. Niet voor niets kost het opmaken van dergelijke fancy rapporten meer geld dan het onderzoek (maar dan heb je ook wat). Ik doe het zelf ook, want als iets er netjes en simpel uitziet, wordt het geloofd. Schemaatjes, grafieken (ja, ook PowerPoint-slides) zijn enorme credibility-boosters en ik kan waarschijnlijk nog wel een paar pagina’s volschrijven over waaróm dat zo is (kort samengevat: mensen zijn dommer dan we denken).

Met dit in het achterhoofd ben ik benieuwd met wat voor cijfermateriaal en statistisch ‘onderbouwde’ argumenten onze politici de komende periode voor de verkiezingen elkaar te lijf gaan. Moge de beste winnen.

Gepost door Tommy | 2 reacties »

PowerPoint

Tuesday 18 May 2010

Al vier jaar lang volg ik op (bijna) iedere doordeweekse dag college. ‘Vroeger’ was dat met een man of honderd in een zaaltje, tegenwoordig in de master zitten we soms met z’n zevenen tegenover de professor in een kamer waar ook de pingpongtafel van de eerste verdieping staat. Tijdens zo’n college blijkt keer op keer weer: het gros van het onderwijzend personeel is verslaafd aan PowerPoint.

Nou is er niets mis mee om je presentatie te begeleiden met PowerPoint. Sterker nog, ik doe het zelf ook altijd (hoewel ik tegenwoordig natuurlijk wel met Keynote presenteer).Desondanks heeft het ook zeker negatieve effecten; als dagelijks presentatiekijker valt me bijvoorbeeld wel eens op dat ik veel vaker naar de slides blijf staren dat dat ik naar de presentator kijk en me realiseer wat deze zegt. Ook valt me op dat PowerPoint vaak de basis voor de structuur van een presentatie is, maar dat die structuur ondanks alle slides soms ver te zoeken is. Dat probleem wordt alleen maar erger doordat er docenten zijn die niet de vooraf bepaalde volgorde van hun slides aanhouden, maar er zo doorheen springen dat de slidenummers een goede basis zouden vormen voor de nummers van een loterijtrekking.

Slides zijn een visuele toevoeging aan je verhaal; ik ben zelf best visueel ingesteld, dus schemaatjes helpen vaak heel veel. Helaas zijn het juist die schemaatjes die moeilijk te maken zijn in PowerPoint. Menig docent komt niet verder dan bullets met tekst. En omdat continu doorklikken tijdens je presentatie om bullet-punten te laten verschijnen gewoon vervelend is, is de hele spanning uit je verhaal gehaald omdat iedereen al weet wat je gaat zeggen. Er vindt een soort inflatie plaats: als de slide het in kernachtige punten samenvat, waarom moet ik dan nog luisteren?

Soms denk ik wel eens dat het gebruik van PowerPoint bij een presentatie meer geboren is uit een soort onzekerheid is dan omdat het een echte toevoeging aan het verhaal is. Alsof slides je verhaal ook maar iets geloofwaardiger maken. Het lult natuurlijk ook wel lekker weg: laatste puntje op de slide gehad, door naar de volgende. Maar wát je zegt wordt minder een lopend verhaal. PowerPoint-slides zijn daarnaast geen vervanging voor het good-old schoolbord, waar meester zijn zelfbedachte schema niet alleen uitlegt, maar ook optekent terwijl je kijkt. Niemand maakt meer aantekeningen als de slides na afloop op internet komen en tegenwoordig wordt er zelfs geklaagd als docenten het uitdrukkelijk niet doen.

De volgende vraag is natuurlijk hoe het dan beter zou kunnen. Ten eerste denk ik dat PowerPoint zélf een stuk beter kan: leg de focus op het gebruik van slides als toevoeging aan je presentatie, niet als hulpmiddel voor structuur. Dat laatste is voor de presentator, niet voor de hele zaal. Het zou wel handig zijn als de presentator op zíjn scherm bijvoorbeeld wél door z’n lijstjes met bullets kan klikken (PowerPoint en Keynote kunnen zoiets overigens, maar niemand weet hoe dat werkt schijnbaar). En dan de inhoud: één ding per slide en liefst zo min mogelijk tekst. Alle tekst is ofwel een kernwoord (om aan te duiden waar het verhaal naartoe gaat) of onderdeel van een schema. Wie Steve Jobs de iPhone heeft zien aankondigen, weet dat dat heel overtuigend kan zijn. Minder focus op de slides, meer op jezelf.

Gepost door Tommy | 3 reacties »

Stain-cole English

Tuesday 4 May 2010

Nu ik een master doe die volledig (mits er minstens één buitenlander in de zaal zit dan…) in het Engels wordt gegeven, valt me af en toe op dat niemand eigenlijk écht goed Engels kan praten. Nou is het niveau van de meeste docenten wel wat beter dan het steenkolen-Engels dat wel eens op televisie te horen is, maar toch sluipen er af en toe wat vreemde dingetjes doorheen.

Zo proberen veel sprekers hun taalgebruik op te leuken met uitdrukkingen – wat natuurlijk prima is, maar doe het dan wel goed. Letterlijk vertalen gaat natuurlijk bijna nooit goed. Een voorbeeld: soms worden presentaties van studenten wel eens aangekondigd met “Now I give the floor to [naam]“; dat klinkt niet alleen stom, maar het is ook nog eens (ik heb het gegoogled!) onjuist: je geeft niet iemand ‘de vloer’, maar je maakt deze vrij voor een presentator; oftewel, in het Engels zeg je “to yield the floor to“.

Okee, niet erg schokkend allemaal. Maar dan deze, die ik maandag hoorde: “to come back to the red line” of “the red thread“. “De rode draad” wordt in het Nederlands als uitdrukking gebruikt, maar ik kon ‘m op internet nergens in het Engels vinden. Veel pikanter wordt het als je weet dat de ‘Red Thread’ de naam voor de vereniging voor prostituees in Nederland is. Ik bedoel maar.

Gepost door Tommy | 7 reacties »

Lekker op de lijst

Monday 15 March 2010

Op een avond in januari hadden een vriendin en ik na twee flessen wijn bedacht dat die muziek toch wel erg tof was en we maar eens naar zo’n feest moesten. Afgelopen zaterdag was het dan zover: in de Effenaar in Eindhoven zou een heus ‘We Love The 80s + 90s’-feest plaatsvinden, georganiseerd onder de vlag van Radio Veronica (dezelfde zender die tegenwoordig bij ons in de douche opstaat). Eenmaal aangekomen bleek dat het uitverkocht was. Geen nood, want Tommy staat dan uiteraard gewoon voor twee op de lijst!

Ik roep altijd dat netwerken als Hyves heel leuk zijn als je je verveeld, maar het je op zich weinig oplevert. Niets bleek minder waar: omdat ik in een vlaag van verveeldheid ergens op een Hyves-pagina op ‘ich bin dabei!’ had geklikt werd ik een paar dagen later uitgeroepen tot ‘Winnaar Hyves’ en bam, ik kon naar binnen! Dat we gratis naar binnen mochten was fijn, maar het was achteraf nog veel fijner dat we geen twaalf euro vijftig hoefden af te tikken om tussen een massa mensen van gemiddeld 30 (der-tig!) te hoeven staan… (gemiddeld, dus er waren ook vieze mannen van ver boven de 40 die nog dachten dat de vriendin waarmee ik er was tegen ze aan stond te rijden. Hm.). Ach, de muziek was goed. Na een drankje of twee dus toch maar verhuisd naar Stratumseind en daar was het uiteraard wél tof! Voor ons 90s-feest zullen we dan toch maar weer moeten wachten tot het ‘begaaid huisfeest’, dat eind mei gaat plaatsvinden en waar ik vast wel weer een uurtje ga draaien.

Niet alleen vanwege het feit dat ik die avond om vier uur in bed lag, maar ook omdat ik de dag daarvoor tot twee uur ’s nachts in Amsterdam ben geweest en ik de dag erna een familieverjaardag moest bijwonen maakte dat ik vandaag redelijk kapot was. De 3000 woorden die ik voor vandaag 18:00 nog even moest typen voor een essay kwamen dan ook met moeite uit m’n pen (of ja, je denkt toch niet dat ik nog schrijf…). Het record is gebroken, want het lukte me in een uurtje of zes. Nu dus lekker op de bank en de week tegemoet. Laat die vakantie maar komen!

Gepost door Tommy | Geen reacties »

Jezelf verkopen

Monday 8 March 2010

Vandaag kwam ik een leuk voorbeeld tegen van onderzoek dat je kunt doen als je beschikt over gigantisch veel gegevens van zeg, een online community. Een Amerikaanse datingsite heeft namelijk eens uitgezocht hoe je jezelf het best op een profielfoto kunt zetten. Mannen kunnen het beste niet lachen en niet in de camera kijken; vrouwen kijken het best ‘flirty’ en maken oogcontact. Foto’s van jezelf gemaakt met een mobieltje werken gek genoeg béter dan normale foto’s. En, tip nummer drie: een foto waar je niet eens opstaat werkt het best van allemaal.

Door met software de profielfoto’s van hun gebruikers te sorteren op bepaalde kenmerken en dat te koppelen aan het aantal nieuwe contacten dat die personen legden in een bepaalde periode, kwamen ze tot een aantal interessante conclusies. Zo is de context van de foto bijvoorbeeld belangrijk: mannen die met hun vrienden op de foto staan, iets interessants doen of hun spieren laten zien scoren hoog, maar niet zo hoog als mannen die met een dier op de foto staan, gek genoeg. Je six pack laten zien heeft zeker effect, maar dat effect wordt snel kleiner met leeftijd. Bij vrouwen werkt het juist andersom als het om borsten gaat: als je borsten zichtbaar zijn, scoor je meer contacten, en hoe ouder je bent, hoe beter dat (relatief) werkt (tot op een bepaalde leeftijd, neem ik aan…).

Het meest opmerkelijke resultaat is dat zowel bij mannen als bij vrouwen, de foto’s waarop je helemaal niet te zien bent (of je gezicht onherkenbaar is) minstens zo goed of beter scoren dan ‘gewone’ profielfoto’s. Blijkbaar geldt (op datingsites, althans) dat mensen het interessant vinden als er iets te raden is. Kort samengevat komt het neer op het volgende: vrouwen kijken liefst recht in de camera, flirten een beetje of doen iets interessants op de foto (gitaar spelen of andere hobbies) en hebben daarbij best een laag uitgesneden truitje aan. Mannen die dat kunnen tonen hun gespierde blote bast (dat levert bijna twee keer zoveel dates op) en verbergen hun hoofd waar mogelijk (of kijken weg van de camera). Doe er je voordeel mee…

Gepost door Tommy | Geen reacties »